Verschenen in het magazine van Juni 2018
11 Juli 2018 //
Geert Degrande
“ Laat je niet op sleeptouw nemen door de kapitaalrush”
Wat zijn de mogelijkheden om het kapitaal van techbedrijven en start-ups te versterken? Euronext organiseerde er in het kader van het project TechShare een seminarie over.

Wim Ottevaere stond als CFO van Ablynx vooral stil bij de specifieke kenmerken van de Amerikaanse techbeurs Nasdaq. Sophie Manigart, partner van Vlerick Business School en hoogleraar aan Universiteit Gent, had het in haar toespraak over verschillende strategieën om kapitaal op te halen en over de verschillende soorten groeikapitaal. “Starters staan volgens mij niet altijd voldoende stil bij die verschillen”, legt ze uit. “Maar dat geldt evengoed voor CFO’s van gevestigde bedrijven. Nadenken over de juiste strategie en over het soort kapitaal dat nodig is, is altijd de boodschap.” Chris Raman, initiatiefnemer van Ventures 4 Growth en Groeiatelier, bevestigt: “Nadenken over het type investeerder dat je wil aantrekken, is van cruciaal belang.”

 

Aan geld geen gebrek

In 2017 hebben Europese scale-ups 20,8 miljard euro aan kapitaal opgehaald bij investeerders. Dat blijkt uit het jaarlijkse sectorrapport van Omar Mohout van Sirris. België was goed voor 698 miljoen euro, of drie keer zoveel als in 2015. Voor zijn rapport bracht start-upwatcher Mohout alle Europese deals (kapitaalronden, maar ook bijvoorbeeld beursgangen) in kaart van minstens 750.000 euro. Daaruit blijkt dat het aantal investeringen grosso modo hetzelfde was als in 2016, maar dat het gemiddelde bedrag vorig jaar zo’n achttien procent hoger lag. In België was er een deal die meer dan honderd miljoen binnenbracht: de beursgang van chipfabrikant XFab. In de kapitalisatie per inwoner is Zwitserland de nummer één, met 266 euro. België staat op de zesde plaats met 63 euro, terwijl het Europese gemiddelde 51 euro bedraagt. Er is voor start-ups en scale-ups dus geen gebrek aan geld.

 

Specifieke technologieën die in de belangstelling staan, zijn vooral artificiële intelligentie (zeventien procent van de deals), data-analyse (negen procent) en Internet of Things (acht procent). Dat techbedrijven erin slagen extern kapitaal op te halen via investeringen door externe partners of via een beursgang, is op zich goed nieuws. Toch leeft bij een aantal waarnemers het gevoel dat de start- upcultus is doorgedraaid. Leslie Cottenjé, CEO van start-up Hello Customer, verwoordde het scherp in een opgemerkt opiniestuk: “Het lijkt wel of kapitaal ophalen soms het enige doel is om razendsnel op weg te gaan naar werelddominantie.”

 

Vier fundamentele vragen

Niemand kan natuurlijk ontkennen dat er voor groei geld nodig is. “Al vind ik het ook belangrijk”, geeft Sophie Manigart aan, “dat start-ups, scale-ups én CFO’s van traditionele bedrijven zich niet zomaar op sleeptouw laten nemen door een soort kapitaalrush. Volgens mij moeten ze zich, bij het bepalen van een fundraisingstrategie vier fundamentele vragen stellen: Hoeveel geld is er nodig? Wanneer is dat geld precies nodig? Op welke investeerders willen ze mikken? En hoe gaan ze die investeerders een aantrekkelijke return bezorgen? Want het is niet omdat een partij de hoogste waardering biedt, dat het echt ook de beste partij is om mee in zee te gaan. In het programma Leeuwenkuil op Vier, waarin starters hun ideeën pitchen bij vijf bekende investeerders, was dat duidelijk te merken. Soms kan een inbreng tegen een lagere waardering dankzij de ervaring van de investeerder veel meer toegevoegde waarde bieden dan een instap tegen een hogere waardering.”

 

Waarom doen bedrijven wat ze doen?

In de zoektocht naar kapitaal houdt Sophie Manigart een pleidooi om de befaamde ‘why’ van Simon Sinek toe te passen. Sinek zegt dat bedrijven eerst duidelijk moeten maken waarom ze doen wat ze doen om van daaruit ‘inside out’ te werken. “Start je een onderneming vooral op om je eigen baas te zijn? Om snel rijk te worden? Of om een bijdrage te leveren tot een betere en meer duurzame maatschappij? Dat kan filosofisch klinken, maar het heeft wel degelijk een grote impact op het bepalen van de strategie om geld op te halen. Hoe meer extern kapitaal je ophaalt, hoe meer controleverlies er optreedt. Extern kapitaal ophalen, wordt vaak bejubeld in de media, maar het houdt verantwoordelijkheden en risico’s in. Het zorgt voor druk om de investeerder waar voor zijn geld te bieden.”

 

Verschillende soorten geld

Wie op zoek gaat naar vreemd kapitaal, beschikt tegenwoordig over heel wat meer mogelijkheden dan vroeger. De bank en de beurs waren toen zowat de enige alternatieven. Tegenwoordig heb je goed uitgebouwde netwerken van business angels, kan je een beroep doen op love money van fools, family and friends en is crowdfunding stilaan een volwassen leven gaan leiden. “Ook grote bedrijven kunnen interessante investeerders zijn”, zegt Sophie Manigart. “Kijk bijvoorbeeld maar wat in de financiële sector gebeurt, waar veel banken en verzekeraars investeren in fintechs.”

 

Uit een recente studie van KPMG blijkt inderdaad dat 57 procent van de 160 bevraagde financiële instellingen uit 36 landen aangaven dat de doorbraak van de fintechs voor de belangrijkste veranderingen zorgt in de financiële sector. Zij vinden dat de activiteiten van fintechs een grotere impact hebben dan de nochtans ook sterke wijzigingen rond reglementering. Drie kwart van de ondervraagde instellingen is bovendien van mening dat het precies de kleine financiële start-ups zijn die voor de grootste innovaties zullen zorgen en niet de befaamde Gafabedrijven (Google, Apple, Facebook en Amazon).

 

Partnerschappen met fintechs

Het is dan ook niet verwonderlijk dat banken en verzekeraars de inspanningen opdrijven om zich niet te laten ontwrichten door de disruptie van deze techstart-ups. Volgens het onderzoek van KPMG hebben al zes op de tien bedrijven uit de financiële sector de jongste drie jaar een partnerschapsakkoord gesloten met fintechs. Acht op de tien geven aan dat de komende jaren zeker ook te willen doen of de samenwerking nog te willen uitbreiden in de komende drie jaar. Ze doen dat vaak door in die bedrijven te investeren of door ze over te nemen in een later stadium.

 

Gedaan met de hoera-verhalen

Sophie Manigart nuanceert fors de perceptie dat risicokapitaalverschaffers staan te springen om in start-ups te investeren. “Dat komt heus niet zo vaak voor”, geeft ze aan. “Als het wel gebeurt, is dat vaker in bedrijven die nog geen inkomsten hebben, maar waarin de kapitaalverschaffers een groot potentieel zien voor een snelle groei en dus ook een snelle exit.” In ieder geval is er nood aan meer realisme en reflectie rond het aantrekken van extern kapitaal. De trend van de hoera-verhalen lijkt trouwens ten einde te komen. Gary Vaynerchuck, een serieondernemer en een van de eerste investeerders in Facebook, Twitter en Uber, zei onlangs dat hij de jongste twee jaar amper investeringen heeft gedaan. De schaduwzijde van de honderden overgewaardeerde start-ups uit Silicon Valley, die eigenlijk niet meer zijn dan lege dozen, is onderhand trouwens ook al voldoende belicht.

 

Venture Capital en beursintroducties

Chris Raman heeft met Ventures 4 Growth een bedrijf voor capital matchmaking & ownership succession opgericht. In zijn Groeiatelier ziet hij zeer regelmatig start-ups passeren die al dan niet succesvol geld opgehaald hebben. Hij is dan ook uitstekend geplaatst om vanuit zijn praktijkervaring te getuigen over wat er allemaal speelt en fout kan lopen bij het ophalen van kapitaal. “Het is vooral belangrijk zeer goed na te denken over het type investeerder dat je wil aantrekken”, zegt hij. “Die investeerder wordt namelijk niet enkel een bron van inkomsten, hij of zij wordt ook en vooral lid van je team. Je gaat dus best op zoek naar een investeerder met kennis van de sector en conform de levensfase waarin je organisatie zich bevindt. Het heeft absoluut geen zin om die personen iets voor te liegen, wees vooral jezelf. “ Honderden overgewaardeerde start-ups uit Silicon Valley zijn lege dozen” Een idee volstaat trouwens niet, je zal een goed doordacht business- en financieel plan moeten voorleggen. Idealiter heb je ook al bewezen dat je businessmodel effectief werkt en dat je dus al klanten hebt weten te overtuigen. Als je aan een kapitaalronde begint, moet je met andere woorden goed beseffen hoe het hele proces in elkaar zit en ook weten waarom investeerders vaak beslissen om niet te investeren. Daar zijn uiteindelijk vier soorten redenen voor: er is te weinig vertrouwen in het team en/of het management, de markt is te klein, het businessmodel zit niet goed genoeg in elkaar of heeft zich nog niet afdoende bewezen of het momentum klopt niet. Sommige ideeën komen nu eenmaal te vroeg, andere te laat.”