Verschenen in het magazine van Juni 2018
11 Juli 2018 //
Rudy Aernoudt
Bitcoin of ‘crimecoin’?
“ De prijs van de bitcoin is wat de volgende gek bereid is ervoor te betalen”

Naast bitcoin bestaan er ongeveer duizend andere cryptomunten. De meest gekende zijn Ethereum, Ripple en Cardano. Cryptomunten waren een antwoord op de bankencrisis die tien jaar geleden het vertrouwen in de derde partij volledig onderuithaalde. Geld overschrijven zonder tussenkomst van een financiële instelling: een droom die dankzij cryptogeld realiteit wordt. Door gebruik te maken van blockchain heb je de derde partij ook niet meer nodig om de transactie te beveiligen en vermijd je hoge bankkosten, verbonden met een internationale betaling. Banken zoals Western Union bedenken dan ook best een turnaround willen zij niet verworden tot een zombie. Voorlopig blijft het cryptomuntenverhaal, met minder dan één procent van de reguliere markt, wel relatief marginaal.

 

Niet langer een betaalmiddel

De cryptomuntmarkten zijn uiterst dun. Elke beweging leidt tot een spectaculaire stijging of daling van de markt. Door deze volatiliteit – kijk maar naar de evolutie van de bitcoinprijs – zijn cryptomunten niet langer geschikt als betalingsmiddel, maar zijn ze een puur speculatief investeringsmedium geworden. De prijs van de bitcoin is wat de volgende gek bereid is ervoor te betalen. Wie speculeert op een cryptomunt kan dus veel geld winnen, maar moet weten dat hij of zij ook alles kan verliezen. De klassieke beschermingsinstrumenten voor fiatgeld gelden uiteraard niet voor cryptomunten. Een nieuwe tendens die opduikt heet ‘pump and dump’: je lanceert een cryptomunt, creëert een kritieke massa, vervolgens blaas je het zootje op en de buit is binnen.

 

Corruptiekracht

Een van de redenen van de hype van het verhaal, de garantie op anonimiteit, is tevens de kwetsbaarheid ervan. Cryptogeld ontsnapt niet aan de corruptiekracht van het fiatgeld, waarvoor Karl Marx, tweehonderd jaar geleden geboren, waarschuwde. Erger nog, de verschillende maatregelen om corruptie en witwasserij in te dijken, maken dat fiatgeld – meestal in haar chartale vorm, zijnde biljetten – minder geschikt is voor dubieuze transacties. Dit is een vacuüm dat het cryptogeld opvult. De transacties gebeuren namelijk op basis van een ID-nummer dat niet toelaat de identiteit van de opdrachtgever na te trekken. Cryptogeld – van het Griekse woord kryptós wat betekent geheim, verborgen – is immers, precies door zijn anonimiteit, een zeer geschikt instrument voor operaties die het daglicht moeilijk verdragen.

 

Spanje: eerst registreren

Voor wie daaraan twijfelt, een paar voorbeelden: In Spanje werd een crimineel netwerk opgerold dat bitcoins gebruikte om illegale betaaltelevisie te betalen. De Spaanse autoriteiten hebben in de strijd tegen witwasserij en cybercriminaliteit dan ook een wet ingevoerd waarbij miners zich moeten registreren vooraleer cryptoactiviteiten aan te vatten. Ander voorbeeld: een hacker slaagde erin om Russische bankrekeningen te hacken en die driehonderd miljoen euro lichter te maken. Zijn buit zette hij onmiddellijk om in bitcoins. Ondertussen zag ook de cryptoroebel het daglicht.

 

Drugsgeld

In Venezuela steeg het gebruik van bitcoin spectaculair toen de overheid het grote bankbiljet – het equivalent van ons biljet van vijfhonderd euro – afschafte. Ook de Colombiaanse drugsmaffia werd fan van de bitcoin en opende 175 bitcoinrekeningen. Zo’n 8,4 miljoen euro, vermoedelijk afkomstig van drugverkoop, werd omgezet in bitcoins om vervolgens te worden geconverteerd in pesos. De creditering gebeurde via de ‘smurfen’, ook wel ‘muilezels’ of mules genoemd: personen die tegen een kleine commissie overal net minder dan drieduizend euro per keer afhalen om zo aan de financiële meldingsplicht te ontsnappen. De conversie gebeurde via Finland, een land waar cryptomunten helemaal niet gereglementeerd zijn. Een mooiere witwasserij kan je je niet inbeelden. In Colombia lagen in 2017 de bedragen omgezet in bitcoin 1.200 procent hoger dan in 2016.

 

Top drie van de wereld

De drie landen waar bitcoins het meest worden gebruikt, zijn China, Nigeria en Colombia. De oudste bitcoinwisselbeurs bevond zich in China, maar werd vorig jaar gesloten wegens witwaspraktijken. China is overigens het land met de hoogste concentratie van miners. Twee Chinese groepen bezitten vijftig procent van de mining-capaciteit. Koersmanipulatie is dus ook niet uitgesloten. In Nigeria – 148ste land inzake corruptie op de internationale transparantie-index – stelde de centrale bank dat zij de bitcoin niet kan controleren of reguleren. In Colombia, ten slotte, hebben de overheden de bitcoinwisselbeurs stilgelegd omdat de bitcoins hoofdzakelijk werden gebruikt door drugdealers en communistische rebellen.

 

Bitcoins en ICO’s

Bij ICO's of initial coin offerings halen bedrijven cryptogeld op. Naar schatting vier miljard dollar werd zo opgehaald in 2017, hoofdzakelijk door bedrijven die actief zijn in blockchain of aanverwante activiteiten. In plaats van een prospectus is er enkel een webpagina die het project en de mogelijke winsten beschrijft. Risico’s worden niet in kaart gebracht. In tegenstelling tot IPO’s (initial public offerings) is er geen controle op wie investeert. Het risico op witwasserij is dus ook hier vrij groot. Landen als China hebben daarom ICO’s verboden. De Verenigde Staten en Canada startten verschillende procedures tegen manipulatie van informatie bij ICO’s en spraken reeds gevangenisstraffen uit.

 

Nieuw zakenmodel in Zwitserland

Aan de andere kant van het spectrum heeft Zwitserland – meer bepaald het kanton Zug – de meest interessante regulering opgemaakt met als doel ICO’s aan te trekken en van het kanton dé cryptovallei van de wereld te maken. Je kunt er bitcoin gebruiken om je treinrit te betalen en bitcoins afhalen aan het treinloket. Een private bank – Falcon Private Bank – biedt bitcoin en andere cryptomunten aan haar klanten aan. Op die manier heeft Zwitserland een nieuw zakenmodel bedacht ter vervanging van het bankmodel, dat door de wet op het voorkomen van witwasserij belaagd is.