“Europa: Vergeet de komkommer, focus op de grote projecten”

1 juni 2022
“Europa: Vergeet de komkommer, focus op de grote projecten”

Blik achter de schermen

Europa heeft een nieuw verhaal nodig, zo schrijft Rudy Aernoudt. Dat moet beginnen met een zuivere focus op domeinen waar ze een wezenlijk verschil kan maken voor de echte stakeholder: de burger. Vergeet dus de komkommer, focus op de grote werken. Als overtuigd believer constateert ook Rudy Aernoudt in zijn ‘Europa. Een blik achter de schermen’ (Intersentia, 2022) dat we vandaag te maken hebben met een processie van Echternach van vijftigduizend eurocraten die zichzelf legitimeren met een niet-aflatende regeldiarree.

Wat is er mis met het Europese project van vandaag?
Rudy Aernoudt
: “Ik vind dat het Europese niveau te veel hooi op zijn vork neemt. Het vaardigt regels uit over de kromming van komkommers en over de gezondheidsrisico’s van een lokale kaas die de Corsicanen al honderden jaar eten. Telkens de Brusselse administratie weer een nieuwe regel over dergelijke pietluttigheden uitvaardigt, regent het berichten in de media die het hele Europese project belachelijk maken. Vergeet niet, perceptie is realiteit. Mijn mening is dat we met dergelijke ingrepen geen echte verbetering van het leven van de Europese burgers teweegbrengen. Stop daar dan ook mee. Mijn stelling is dat Europa in de loop van zijn bestaan wél een belangrijke impact heeft gehad op zijn burgers door de grote projecten: de Europese Gemeenschap van Kolen en Staal, maar ook de bankenunie of de Europese obligatie.

Waarom zijn die grote projecten voor u wel succesvol?
Rudy Aernoudt
: “Dat zijn de momenten waarop we vooruitgang boekten. Het valt op dat het telkens gepaard ging met een crisis. Europa is ook ontstaan uit een crisis, we zijn het kind van een crisis, maar we mogen er geen slachtoffer van worden. Na de opeenvolging van wereldoorlogen, lagen de economieën van de landen van het oude continent op apegapen. Door de belangrijkste sectoren samen te beheren, slaagde men erin om de economie weer op gang te brengen. Dat is de verdienste van de Europese Gemeenschap van Kolen en Staal, het allereerste samenwerkingsverband waarin oude vijanden als Frankrijk en Duitsland hun economie met elkaar verbinden om op die manier een toekomstige oorlog te vermijden.  Laat ons dus samen bepalen: wat zijn de Kolen en Staal van vandaag? Crisissen zorgen telkens voor een vooruitgang. Jean Monnet, stichter van de EGKS zei het al: Les hommes n’acceptent le changement que dans la nécessité et ils ne voient la nécessité que dans la crise.

In uw boek maakt u een lijst met de twaalf werken van Hercules die de corebusiness van Europa moeten uitmaken. Daarin ontbreken wel een aantal belangrijke thema’s waaronder immigratie? Hoe komt dat?
Rudy Aernoudt
: In het boek wilde ik mijn visie brengen als eurocraat die de organisatie van binnenuit kent en weet hoe de besluitvorming tot stand komt. Als econoom was ik altijd actief op het vlak van de financiering van projecten en de bevordering van ondernemerschap, handel, productie en innovatie. Ik wilde me beperken tot de thema’s die ik goed ken. Daarbij moet ik bekennen dat ik een incident zoals de Brexit na een populistische en leugenachtige campagne in het Verenigd Koninkrijk niet zag aankomen. Ik heb nooit geloofd dat het Johnson-kamp het zou halen in het referendum en toch is dat gebeurd. Dus is het beter om bescheiden te blijven over dat thema. Tegelijk ben ik ervan overtuigd dat we het anti-Europese populisme het best counteren door een beter beleid. En dat kan door te focussen op de inspirerende projecten zoals ik het voorstel in mijn boek.

Het is opvallend dat Erasmus het eerste Herculeswerk in uw lijst is. Waarom is dat zo belangrijk?
Rudy Aernoudt
: De jeugd is de toekomst. De uitwisseling van studenten over de verschillende landen heen is de beste manier om de banden tussen de gemeenschappen te versterken. Die onderlinge contacten maken dat de burgers op een concrete manier met elkaar kennismaken en met elkaar communiceren. Die openheid heeft ook een economisch aspect: meertaligheid en multiculturaliteit zijn belangrijke competenties voor de arbeidsmarkt van morgen. Ik pleit voor een uitbreiding van het systeem naar een Eramus4All.

Wat zijn voor u de grote tekorten in het monetair beleid?
Rudy Aernoudt
: Ten eerste moet ik zeggen dat de euro op zich een enorm succes is. Critici kondigden van bij het begin aan dat de eenheidsmunt geen lang leven beschoren was. Nu ziet iedereen die als een vaststaand feit. Intussen wordt 25 procent van de wereldhandel in euro’s betaald. Op dat vlak laat onze munt alleen de dollar nog voorgaan. Toch zijn er nog veel verbeterpunten. Ten eerste is de discrepantie tussen het beleid van de Europese Commissie en de lidstaten en dat van de Europese Centrale Bank op termijn niet houdbaar. De opflakkerende inflatie is op dit ogenblik een belangrijke uitdaging, maar ik stel vast dat de ECB haar beleid van obligatieaankopen pas over enkele maanden zal afbouwen. Tegelijk lanceert de commissie de Green Deal waarbij nog bijkomend geld ter beschikking komt van de economie. Onafhankelijk van elkaar wakkeren ze de inflatie nog verder aan terwijl die intussen al, weliswaar energieprijsgedreven, acht procent heeft bereikt. Daarbij komt dat ook de lidstaten nog eens extra fiscale stimuli hanteren. Ik vind een grotere coördinatie tussen het economische, monetaire en fiscale beleid van Europa een dringende kwestie.