Spoken bestaan, zombies ook

1 juli 2021
Tekst
Rudy Aernoudt
Spoken bestaan, zombies ook

Het einde van de tunnel is in zicht. De economie herleeft en het inflatiespook duikt zelfs weer op. In covid-tijden waren subsidies essentieel. Terwijl vijftig procent van de bedrijven als gevolg van covid-19 in moeilijkheden zou komen, blijft dat aantal dankzij de massale steun ‘beperkt’ tot vijfentwintig procent. Maar nu is het tijd om het paniekvoetbal te vervangen door een echte beleidsvisie.

België is een subsidieland bij uitstek. Interregionaal zijn er geen significante verschillen. Uitgedrukt in termen van bruto binnenlands product, gaat 6,3 procent naar subsidies. Dat is bijna het dubbele van buurland Nederland, 3,8 procent, dat precies op het Oeso-gemiddelde ligt. Deze percentages gelden in niet-crisistijden. De covid-maatregelen leiden tot een bijkomend pakket van liefst 35 miljard euro steun, of bijna acht procent van het Belgische bruto binnenlands product. Dit staat gelijk met vijfmaal het naoorlogse Marshallplan. Deze situatie leidt tot een soort baxtereconomie waarin niet-levensvatbare bedrijven en ook bedrijven die ten dode opgeschreven zijn, toch overleven.

Spoken

Spookbedrijven zijn bedrijven die geen enkele activiteit uitoefenen, terwijl ze wel als actieve bedrijven geboekstaafd staan. Erger nog, nadat ze als karkas worden opgekocht en opgepimpt, dienen ze enkel voor criminele of frauduleuze zaken. Graydon Belgium berekende in een recente publicatie (Spook- en zombiebedrijven, mei 2021), op basis van een intern ontwikkeld logaritme, dat bijna 300.000 van de 1,3 miljoen bedrijven bij de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) kunnen worden beschouwd als spoken. Vele van hen surften mee op de golf van massale overheidssteun. Daarnaast toonde Graydon aan dat een aantal bedrijven met een link naar criminaliteit, ook uit de subsidiepot graaien. Indirect steunt de overheid dus de ‘witte poeder’-activiteiten.

Zombies

Zombies, of anders gezegd walking deads, zijn bedrijven die in een overlevingsstrijd zitten zonder toekomstperspectief. Ze zijn een domper op de economische turbulentie van een land en vervalsen de concurrentie door lage prijzen te hanteren. In internationale vergelijkingen scoort België samen met Italië en Spanje proportioneel het hoogst inzake aantal zombies.

Klassiek worden zombies in kaart gebracht aan de hand van de operationele resultaten. Bedrijven die drie jaar niet in staat zijn om met hun operationele resultaten de intrest te betalen, worden beschouwd als zombie. Op basis van deze Oeso-definitie berekende Graydon dat een op tien Belgen werkt in een zombiebedrijf. Een op zes bedrijven ouder dan tien jaar is een zombie. De Oeso gaf aan dat een stijging van 3,5 procent van het aantal zombies leidt tot een productiviteitsdaling van 1,2 procent. De 40.000 Belgische zombies, volgens de Oeso-definitie, wegen dus op de productiviteit en competitiviteit van ons land.

Handelsinformatiespecialist Graydon doet baanbrekend onderzoek door zombies ook in kaart te brengen op basis van het eigen vermogen. Volgens die benadering zijn zombies bedrijven die drie jaar lang een negatief eigen vermogen vertonen. Ingewijde lezers verwijzen hier wellicht naar de wettelijk verplichte netto-actieftest. Bedrijven met een negatief eigen vermogen doorstaan deze test niet (zie hierover ook mijn artikel “Accountant, een gevaarlijk beroep”, in FDmagazine van april 2020). Bedrijven die meer dan drie jaar een negatief eigen vermogen hebben, dat moeten toch uitzonderingen zijn? Verrassend genoeg komt Graydon op basis van deze definitie tot 36.000 bedrijven, of negen procent van het totale aantal. Beschouwen we beide definities als relevant, dan zijn er na aftrek van de beperkte overlap 68.000 zombiebedrijven in ons land, of ruim vijftien procent van het totale aantal ondernemingen.

Perverse subsidies

Subsidies waren broodnodig tijdens de covid-crisis en verhoogden de overlevingskansen van heel wat ondernemingen. Maar als secundair effect heeft de crisis daardoor niet haar helende werking gehad. Spookbedrijven en zombies gingen niet over de kop, integendeel: vele konden hun doodsstrijd rekken door de subsidiebaxter.

Het is dus belangrijk dat we na covid-19 de universele geldkraan vervangen door een gerichte steun, waarbij enkel bedrijven met toekomstperspectieven in aanmerking komen voor overheidssteun. Dat gebeurt liefst in de vorm van garanties en zo weinig mogelijk in de vorm van subsidies. Alleen zo maken we ons land competitiever en beschermen we ons tegen georganiseerde misdaad.

Eric Van den Broele, directeur R&D van Graydon, drukt het in zijn debuutboek “Na de crisis de ommekeer” zo uit: we moeten de crisis omdraaien in een voordeel en onze resistentie opbouwen. Ja, inderdaad, het is tijd voor een beleidsvisie die toekomst- en mensgericht is. Data zijn daarbij essentieel om bedrijven met toekomstperspectief te onderscheiden van die zonder toekomstperspectief.