HRmagazine
11 juli 2026
Zoeken
Nieuwsbrief
Word member

“We moeten als Belgen ambitieuzer durven zijn”

Foto

Magali Van Coppenolle, Hoofdeconoom Belfius, © Amélie Bauwens

De nieuwe Belfius hoofdeconome Magali Van Coppenolle kijkt met een internationale blik en een can-do mentaliteit naar de toekomst. “De wereld van gisteren komt niet meer terug. We kunnen de huidige uitdagingen oplossen, ook al zal dat niet makkelijk zijn.”

Van Somalië tot de Bank of England en vandaag Belfius: hoofdeconome Magali Van Coppenolle kijkt met een internationale bril naar België en de wereldeconomie. Tijdens een gesprek met FDmagazine gaat ze in op haar parcours en staat ze stil bij de huidige geopolitieke onzekerheid, energietransitie en een snel veranderende wereldorde.

De kersverse hoofdeconome pleit gepassioneerd voor meer pragmatisme, meer visie en een sterkere ‘can-do-attitude’. Ze verzet zich dan ook keer op keer tegen het sterke gevoel van pessimisme in België, dat haar meteen opviel nadat ze lange tijd in het buitenland woonde. Dit terwijl ons land volgens haar nog altijd over enorme troeven beschikt. “We moeten als Belgen echt meer ambitie tonen, want we kunnen de problemen echt wel oplossen. Daarbij kunnen we terugvallen op het vele talent dat we in eigen land hebben, ook dat onderschatten we nog te vaak.”

Tegelijk waarschuwt ze dat bedrijven, overheden en burgers zich zullen moeten aanpassen aan een nieuwe economische realiteit, waarin onzekerheid en verandering de norm worden. “De wereld van gisteren komt niet terug”, zegt ze daarover stellig. Daarom moeten we volgens haar stoppen met wachten op de terugkeer van oude zekerheden en durven nadenken over wat mogelijk is. Of het nu gaat over de begroting, energietransitie, geopolitiek of innovatie: wie competitief wil blijven, zal mee de sprong naar de toekomst moeten maken. “Bedrijven en landen die achterblijven, zullen de achterstand anders echt niet meer inhalen. We hebben dus geen keuze, je moet absoluut mee blijven in die veranderingen.”

Je carrière begon niet in de klassieke financiële wereld, maar in Somalië. Hoe ben je daar terechtgekomen en wat heb je daar gedaan?

“Ik kwam er door een samenloop van omstandigheden terecht. Maar ik vond het werk, rond thema’s als centrale banken en ontwikkeling, enorm boeiend. De techniciteit van de problemen was misschien niet zo groot, maar de omstandigheden waarin je die problemen moest oplossen waren supercomplex.

Ook werkte ik er, in zeer moeilijke omstandigheden, samen met een enorm diverse mix aan mensen. Door de grote onveiligheid leefden we op een militaire basis en als we die wilden verlaten moest dat ook steeds met de nodige beveiliging.”

Je omschreef dit als een ‘life-defining experience’, wat leerde je er als econome?

“Het was vooral een ‘back to basics’-ervaring, gezien het gebrek aan infrastructuur en orde in Somalië. Dat dwingt je als econoom om fundamentele economische principes te herdenken. Zo heeft de centrale bank er amper controle over de eigen munt, maar liefst negentig procent van de geldbiljetten worden niet door hen gedrukt. Daardoor word je als econoom geconfronteerd met fundamentele vragen over de rol van centrale banken en de inherente waarde van geld als een vertrouwenscontract.”

Daarna kwam je bij de Bank of England terecht, welke lessen leerde je daar en wat neem je daarvan mee naar België?

“Het valt me vooral op dat we in België zeker evenveel talent hebben als in het Verenigd Koninkrijk. Ik denk dat we in België dus evenveel ambitie moeten tonen. Er mag ook meer ingezet worden op een cultuur van ‘excellence’.”

Je woonde en werkte lang in het buitenland, waarom besloot je terug te keren naar België?

“Dat stond niet op de planning, tot deze functie op mijn pad kwam. Belfius zit echt in het hart van de Belgische economie. We hebben ook zeer verschillende soorten klanten, van lokale overheden en grote bedrijven tot kwetsbare huishoudens. Belfius is dus echt een bank die aan iedereen moet denken en die sterk verweven is met de Belgische economie.

Ook de maatschappelijke uitdagingen waarbij de bank betrokken is spreken me aan. Die zijn heel breed en gaan van vergrijzing en klimaatverandering, tot de volatiele geopolitieke omstandigheden. Een bank moet daar een visie over hebben en op basis daarvan zijn maatschappelijke rol en verantwoordelijkheid opnemen. Het spreekt me enorm aan om dat mee vorm te geven.”

Je zei eerder verrast te zijn door het pessimisme van Belgen over hun toekomst. Hoe ervaar je dat na lange tijd in het buitenland?

“Ik zie vooral een sterke dichotomie tussen de levensstijl van de meeste Belgen en dat pessimisme. Daarmee wil ik niet zeggen dat er geen problemen of armoede bestaan, maar de meeste Belgen hebben een goed leven. We hebben in ons land een zeer goed opleidingsniveau, een sterke gezondheidszorg en de middenklasse kent een goede levenskwaliteit. In vergelijking met andere landen hebben we het goed in België. Maar als je veel gesprekken hoort en naar de media kijkt, dan zie je massaal pessimisme.”

Hoe verklaar je die tegenstelling en dat pessimisme dan?

“Volgens mij dient die negativiteit vooral als een comfortzone en beschermingsmechanisme. Als alles fout loopt en negatief is, kan je je daar makkelijk in wentelen en niets doen. Daardoor verberg je ook mogelijke oplossingen, omdat je er van uitgaat dat het gewoon niet mogelijk is.

Er is volgens mij ook gebrek aan een ‘can-do’-attitude. Dat sprak me aan bij Belfius, hier leeft echt een optimistische houding. Niet op een naïeve manier, maar vanuit het idee dat we problemen wel degelijk kunnen oplossen. Volgens mij mogen we als Belg wat meer ambitie tonen, want we kunnen de problemen echt wel oplossen ook al is dat niet makkelijk.”

België behoort qua begroting wel tot de zwakste leerlingen van Europa. Hoe ernstig is de situatie volgens jou, en welke keuzes moeten dringend gemaakt worden?

“Samen met Frankrijk zijn we de twee slechtste leerlingen van de klas in Europa. Daardoor zijn er geen makkelijke oplossingen meer. Er heerst momenteel een debat over uitgaven versus belastingen, ik denk dat we daar zeer pragmatisch in moeten zijn, want elke kant van het debat heeft een ‘blind spot’. Het is dus belangrijk om ideeën van alle kanten pragmatisch te onderzoeken.

Aangezien er geen gemakkelijke oplossingen zijn, moet het ook om maatschappelijk gedragen keuzes gaan. We zullen het eens moeten worden over soms pijnlijke keuzes, waarbij sommige mensen meer of minder geïmpacteerd worden. Er moet ook meer samengewerkt worden tussen de verschillende overheidsniveaus.”

Hoe zie je dat?

“Nu worden de kosten vaak doorgeschoven van het ene niveau van de overheid, naar het andere om de budgetten te balanceren. Dat zijn natuurlijk geen langetermijnoplossingen, want de uitdagingen gelden voor alle beleidsniveaus. Die manier van werken komt eigenlijk neer op onszelf in de voet schieten.

Ook de fiscaliteit is te ingewikkeld, die moeten we proberen te harmoniseren. Een eenvoudigere fiscaliteit zou goed zijn voor België en ook het ondernemerschap kunnen vergemakkelijken. Ik verschoot enorm toen ik in België mijn loonaanbod kreeg, vooral over hoe uitgebreid en complex dat was. Eerlijk gezegd, raakte ik er zelf eerst niet wijs uit. Het is ook een democratisch probleem als mensen hun eigen fiscaliteit niet kunnen begrijpen. Een ingewikkelde fiscaliteit wordt zo op den duur ook een transparantieprobleem.”

Welke thema’s wil je in jouw nieuwe rol op de agenda zetten?

“Vergrijzing is een van de grote thema’s. Daar zetten we hard op in met onze pensioenexperts, want dat is een grote uitdaging voor de Belgische samenleving. Op dat vlak onderzochten we bijvoorbeeld hoe je optimaal je geld kan beheren tijdens je pensioen. Verder krijgen we ook veel vragen over de geopolitieke instabiliteit. Het geopolitieke verhaal is zeer belangrijk voor België aangezien we een open economie hebben.

En dan is er natuurlijk nog het klimaat en de bijhorende klimaattransitie. Op economisch vlak zullen daar belangrijke beslissingen over gemaakt moeten worden. Dat is ook weer verbonden aan dat geopolitieke verhaal. Door het conflict in Iran ontstond een tekort aan olie en gas, de vraag hoe snel de elektrificatie kan gebeuren werd daardoor nog relevanter.

Een andere belangrijke vraag is wanneer elektriciteitsprijzen goedkoper zullen zijn dan gas en olie, want dat is een belangrijk kantelpunt. Veel van de belangrijkste vraagstukken komen dus voort uit de geopolitieke instabiliteit en de kwestie van de duurzame economische transitie. We moeten die vraagstukken meer integreren in onze klassieke economische analyse, om een realistisch beeld te krijgen van de echte noden van onze economie.”

[...]

Dit is deel 1 van het interview met Magali. Deel 2 lees je hier.

5K

Volg ons op Linkedin en sluit je gratis aan bij de grootste Finance-community van België.

Rubrieken

Over FDmagazine

Externe links

Volg ons op socials

Published by

Nieuwe Media Groep logo